Mexico voert een vuile oorlog tegen zichzelf

Mexicaanse journalist vermoord

Javier Valdez Cárdenas

Mexico is in oorlog. Met zichzelf. Het is bepaald geen onzichtbare oorlog: zwaar bewapende legers verdedigen hun territoria, wekelijks vallen er tientallen tot honderden doden. Maar als je het niet wil zien, hoef je het ook niet als een oorlog te zien. Dan zijn de twaalf kogels die journalist Javier Valdez Cárdenas vorige week door zijn hoofd kreeg gewoon het zoveelste incident in een gewelddadig land. Daar hoeft het toerisme niet onder te lijden.

Javier Valdez wist wat hem te wachten stond. “Als we blijven publiceren, zullen ze ons vermoorden,” schreef hij in het voorwoord van zijn meest recente boek met de cynische titel ‘Narco-journalistiek’. Hij baseerde zich op de wrede feiten: de afgelopen drie jaar zijn er 35 Mexicaanse journalisten vermoord. Tientallen anderen werden ontvoerd, bedreigd, gefolterd en weer vrijgelaten met het advies een ander beroep te zoeken.

Verstrengeling politiek en drugshandel

“Ze hebben mijn naaste collega afgepakt. Het voelt alsof een van mijn ledematen is geamputeerd,”mailde journaliste Marta Duran me vanuit Mexico-Stad. Javier Valdez was voor haar een onmisbare hulp in de onderzoeken naar de verstrengeling van corruptie, geweld, drugshandel en politiek. Hij was een van de bekendste, een van de beste. En een van de dapperste. Vandaar dat de aanslag, op klaarlichte dag in Culiacán, in de deelstaat Sinaloa, dit keer wel veel ophef veroorzaakte.

Onduidelijke legers en massagraven

In februari van dit jaar was Marta Duran in Nederland. Ik vergezelde haar naar het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag, waar men zich graag liet bijpraten over de toestand in Mexico. De kleine vrouw gaf in anderhalf uur een indrukwekkend overzicht van corruptieschandalen, ontvoeringen, massagraven, confrontaties tussen onduidelijke legers, verminkte lijken. Ze deed nauwgezet uit de doeken hoe ze zelf was bedreigd – niet om zichzelf belangrijk te maken maar om de anatomie van het geweld bloot te leggen. “Denk niet dat hier een activiste zich staat op te winden. Ik ben een journalist, ik heb het alleen over de feiten,” zei ze streng tegen de zichtbaar geschokte beleidsambtenaren.

Erger dan dictatuur Argentinië

Dat het in Mexico echt oorlog is, realiseerde ik me in 2012. In een café in Mexico-stad sprak ik met Flavio Folch, collega en generatiegenoot. We hadden dezelfde hoogte- en dieptepunten van Latijns-Amerika verslagen: de sandinistische revolutie in Nicaragua, de burgeroorlog in Salvador, de dictatuur in Argentinië, Haïti. Maar we zaten er niet om herinneringen op te halen. Flavio deed onderzoek naar de vele moorden en massagraven in Mexico. Voorlopige conclusie: 50.000 doden in vijf jaar, plus 20.000 vermisten. “Dat betekent dat het in het democratische Mexico erger is dan tijdens de dictatuur in Argentinië (30.000 doden).”

Een schokkende conclusie, de Argentijnse dictatuur staat te boek als de bloedigste van het continent. En Mexico als een redelijk geslaagde democratie die overeind gehouden wordt door olie, corruptie, handel met de VS  en toerisme.

Opgehangen aan een brug

Sinds die tijd is het dodental gestegen tot ver boven de 100.000. Aanvankelijk deden de Mexicanen de oorlog zelf af als onderlinge afrekeningen tussen drugskartels. Maar er kwamen steeds meer bewijzen dat lokale politici, burgemeesters van grote steden, gouverneurs van deelstaten en rechters tot over hun oren in het drugsgeld zaten. Het front kwam steeds dichterbij, demonstrerende studenten werden ontvoerd en vermoord, activistische priesters en bloggers opgehangen aan een boom of brug.

Vluchtelingen uit Midden-Amerika

De laatste tijd leek het rustiger. Niet dat er minder doden vielen, maar de slachtoffers zijn vaker vluchtelingen uit de staatarme republiekjes in Midden-Amerika op doortocht naar de VS. Ontvoerd door drugsbendes worden ze als slaaf te werk gesteld, gedwongen cocaïne te smokkelen naar de VS of na zware mishandeling  gebruikt om via Skype de achtergebleven familie te smeken losgeld te betalen.

Enige tijd geleden opende Artsen Zonder Grenzen aan de zuidgrens en in Guadalajara, halverwege het land, noodopvang voor verkrachte vrouwen, getraumatiseerde kinderen en andere vluchtelingen met oorlogstrauma’s. Dan is het echt oorlog.

(Gepubliceerd in de papieren krant Argus)

Journalisten Javier Valdez Cárdenas en Marta Durán

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

    *

    De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>